Wij maken gebruik van cookies

Om je zo goed mogelijk van dienst te kunnen zijn, maken wij gebruik van cookies. Door de tracking cookies te accepteren, word je herkend. Zo kunnen we onze website afstemmen op jouw persoonlijke voorkeuren en kunnen we je relevante informatie en advertenties laten zien, binnen en buiten onze website. Klik op ‘Ik ga akkoord’ als je hiermee akkoord gaat. Je kunt je instellingen altijd inzien en laten wijzigen. Voor meer informatie kun je kijken bij ons cookie- en privacybeleid.

Ik ga akkoord

‘U mag geen spullen vanaf het balkon naar beneden gooien’

Geen ongebruikelijke bepaling in een gedragsaanwijzing. Voor de meeste huurders is (gelukkig) vrij voor de hand liggend dat dit niet past bij hun verplichting zich te gedragen als een ‘goed huurder’: de meest basale verplichting van een huurder die uit de wet volgt. Sommige verhuurders ontkomen er echter niet aan dit soort – ogenschijnlijk – voor de hand liggende leefregels op papier te zetten.

De gedragsaanwijzing geeft een nadere invulling aan welk gedrag van een bepaalde huurder verwacht wordt (of meestal: welk gedrag hij achterwege moet laten). Voor de bestrijding van huurdersoverlast kan de gedragsaanwijzing een nuttig instrument zijn voor de verhuurder. Zo kan een verhuurder een gedragsaanwijzing opnemen in de zogenaamde ‘laatste kans huurovereenkomst’. De huurder is dan al eens de fout ingegaan, maar krijgt een laatste kans zijn leven te beteren. Overtreedt de huurder ook de voorwaarden uit die laatste kans huurovereenkomst, dan beschikt de verhuurder over extra munitie voor een eventueel kort geding tot ontruiming. Maar ook de rechter kan het instrument van de gedragsaanwijzing ter hand nemen. Aan de overlast veroorzakende huurder kan een gedragsaanwijzing worden opgelegd, op straffe van het verbeuren van een dwangsom als huurder deze gedragsregels overtreedt. Daarnaast kan er een voorwaardelijke ontbinding aan gekoppeld worden. Vertoont huurder andermaal onwenselijk gedrag, dan is de veroordeling tot ontruiming of ontbinding van de huurovereenkomst daarmee in beginsel een gegeven. De procedure kan ook voor een bepaalde periode worden aangehouden, om daarna te oordelen of de huurder het gehuurde mag blijven gebruiken. Van belang is wel dat de gedragsaanwijzing goed wordt vormgegeven. Dit instrument is alleen effectief als de aanwijzing voldoende specifiek is. Een te algemene aanwijzing (zoals een algemeen ‘verbod op geluidsoverlast’) kan voer zijn voor een volgend geschil, namelijk over de uitleg van de gedragsaanwijzing. De verhoudingen tussen partijen worden dan alleen maar verder op scherp gezet (zo overwoog de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam onlangs).

Heeft u vragen over huurdersoverlast en hoe daar mee om te gaan als verhuurder? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Deel dit online:

Marieke Douwenga

Vastgoedrecht (specialisatie Huurrecht) en Bouwrecht

Neem contact op
Uw browser is niet meer van deze tijd!

Update uw browser om optimaal van deze website (en vele anderen) te genieten Nu updaten!

×